
Door de kijker van Klaas: Vogelvoer
Algemeen NatuurHet is september en dat betekent vogeltrek! Een superspannende tijd voor vogelaars die weer van heinde en verre naar Texel trekken om te genieten van de unieke positie die Texel heeft op de ‘East-Atlantic Flyway’, één van de grote internationale trekroutes op deze aarde.
Miljoenen vogels komen naar het Waddengebied, als tussenstop, als overwinteringsplaats of, en dat zijn vaak de populairste, omdat ze de weg zijn kwijtgeraakt in deze chaotische wereld. Er komen bijvoorbeeld regelmatig Bladkoninkjes op Texel terecht, vogeltjes die broeden ten oosten van de Oeral en normaalgesproken overwinteren in Zuid- of Zuidoost-Azië. Bij deze soort gaat het overigens vrijwel uitsluitend om jonge vogels, die eerder dit jaar geboren zijn. En ja, als vader van twee pubers zie ik het dan al voor me: die jonge vogels gaan dan op de rand van het nest zitten, de vadervogel wil ze nog een laatste goede raad meegeven, maar de jonge vogels kwetteren iets in de trant van: “páháp, ik weet heus wel waar het zuiden is, ja!” en vliegen vervolgens dus strak west.
Takken hangen zwaar
Maar veel vogels komen naar Texel om te eten. Uit onderzoek blijkt dat bijvoorbeeld Zwartkopjes uit zuid-Duitsland eerst naar het Nederlands kustgebied trekken om op te vetten voor de trek naar Afrika. Een hele omweg, maar die is dan ook zeker de moeite waard. De bomen en struiken in de duinen hangen momenteel stampvol met vogelvoer! Duindoorn, vlier, braam, kamperfoelie, meidoorn, sleedoorn, de ene bes ziet er nog smakelijker uit dan de volgende! O ja, niet te vergeten, de lijsterbes, die vooral door de binnenkort arriverende groepenkoperwieken, kramsvogels, merels en beflijsters uitermate worden gewaardeerd. De takken van de lijsterbes hangen momenteel zwaar gebogen onder het gewicht van de bessen en zullen binnenkort ‘terugveren’ als één voor één de bessen zijn opgegeten.
De rozenbottels blijven vaak wat langer hangen. Daar moet eigenlijk eerst een nachtje vorst overheen, net als bij boerenkool. Anders zijn ze taai en nauwelijks te verteren, terwijl veel vogels de energie uit het voedsel nodig hebben om nog verder te trekken. Ze komen, meestal ’s morgens, want de meeste vogeltrek vindt ’s nachts plaats, doodmoe aan uit Noorwegen of IJsland of Rusland en slapen dan een tijdje onder een struik of in een bosje, eten ’s middags nog even een paar bessen en met gunstige wind vliegen ze ’s avonds laat weer verder door de donkere nacht, veilig voor (de meeste) roofvogels.
Tekst: Klaas de Jong
Calidris Vogelsafari