Sijbrand Ran
Sijbrand Ran Foto: Stefan Krofft

10 vragen aan Sijbrand Ran

Algemeen

Op de Kogerstraat woont Sijbrand Ran – maar de meeste mensen noemen hem Sijp -. Hij werkt op het strand bij Paal 17, vorige kandidaat Chris Kuiper kent hem nog van zijn tijd daar. De twee zijn jarenlang collega’s geweest. Waarover Sijp zegt: “Ik heb veel jongens en meiden voorbij zien komen en heb ze altijd wat mee proberen te geven. Als je dan twintig jaar later, wanneer je iemand tegenkomt nog steeds hoort: Hé chef, of wordt gevraagd voor deze rubriek, dan is dat toch mooi.” Sijp is georganiseerd en houdt ervan goed beslagen ten ijs te komen. Dat blijkt ook uit zijn voorbereidingen op dit interview, wanneer we bij hem binnenstappen ligt er al een uitdraai met de vragen én antwoorden op tafel.

Van wie ben je d’r ien?

“Ineke Langeveld en André Ran. Ik ben in 1973 in Lidwina in Den Helder geboren. Toch een beetje jammer dat er dan geen Texel op mijn paspoort staat. Ik vind het leuk dat men onderzoekt of dat in de toekomst wellicht anders kan. Ik ben echt een mix van mijn ouders. Mijn vader was ook technisch, werkte als monteur bij garage Reij én bij het NIOZ. Hij is echt een pietje precies en dat heb ik net zo. Het joviale heb ik van mijn moeder, die stond altijd overal een praatje te maken. Over het algemeen kan ik het met de meeste mensen wel vinden."

Verliefd, verloofd, getrouwd?

“Ik ben al bijna 30 jaar samen met Jolanda, waarvan 23 getrouwd. We hebben twee kinderen; Jo-anne van 21 en Sjoerd van 14. Jo-anne studeert evenement management en werkt ook bij Paal 17, in de bediening. Sjoerd zit op de OSG en heeft een bijbaantje bij Van der Linde, in de fietsen.”

Wat doe je voor werk?

“Ik kom uit een horecafamilie, dus ik begon al vroeg met ijsjes scheppen in de ijssalon van m’n oom Frits Langeveld. Mijn eerste tijd bij Paal 17 heb ik als kok gewerkt. Hier en daar deed ik toen ook al wel wat klusjes. Maar de werktijden braken me op en na een kort uitstapje naar De Vier kwam ik toch weer terug bij Paal 17, maar dit keer als in house technician. Ik doe klein- en preventief onderhoud, reparaties en ik ben er wanneer er iets verbouwd moet worden. Vóór de horeca heb ik mts-elektro gedaan, dat heeft altijd al mijn interesse gehad. Mijn hart ligt bij de elektrotechniek, maar alles wat met water, riolering, schilderwerk of houtwerking te maken heeft hoort er óók bij mijn takenpakket. Verder ben ik de vraagbaak voor het managementteam met betrekking tot veiligheid en technische zaken. Grote klussen besteden we uit, maar een eigen interne kritisch blik en een gezond verstand is nooit weg. Met twee paviljoens, 110 strandhuisjes, een heel aantal appartementen en alle evenementen die op het strand georganiseerd worden is er altijd wel wat te doen. Geen dag is hier hetzelfde.”

Wat staat er nog op je bucketlist?

“Ik zou heel graag met het gezin een reis door Thailand maken. Jolanda en ik zijn daar in 2003 geweest. Het lijkt me leuk om de kinderen daar mee naar toe te nemen, en dan vooral de eilanden daar te bekijken. Je blijft toch een eilander hè.”

Wat doe je naast je werk?

“Ik ben graag in en om huis bezig. Dat krijg je toch een beetje met een eigen huis; het is nooit klaar. Ik vind het heerlijk om over het eiland te fietsen. We hebben veel mooie plekjes hier, daar staan we met z’n allen misschien te weinig bij stil. Ik heb heel vroeger een tijdje in Utrecht gewoond, maar ik gedij toch een stuk beter met een wiendje en ruumte om me heen.”

Wat is je favoriete plek op Texel?

“Wanneer je voorbij de Schorren de dijk over gaat naar de Waddenzee. Zitten, turen over de Waddenzee terwijl je de vogels hoort, dat is mijn happyplace en echt even een zen-momentje. De oneindigheid van het wad. En ons eigen strand op Paal 17 blijft ook een prachtige werkplek.”

Heb je een slechte gewoonte?

“Ik ben al een tijdje gestopt met roken, maar daarvoor is ‘het stokkie’ in de plaats gekomen. Ik loop een groot deel van de tijd rond met een tandenstoker als substituut voor een sigaret.”

Heb je een levensmotto?

“Ik heb geen Duits bloed, maar ik kan me wel vinden in de volgende uitspraken: ‘Ordnung ist das halbe leben’ en ‘Haben ist besser als brauchen’. Vrij vertaald betekent het: orde geeft je rust en voorraad is de beste raad. Ik vind het prettig om voor een klus alles in huis te hebben zodat ik gelijk aan de slag kan. Inmiddels heb ik dan ook een flinke voorraad gereedschap verzameld.”

Waar ben je trots op?

“Ik houd ervan als alles soepel verloopt. Ik heb naast een plan A, ook altijd een plan B en C. Ik denk graag vooruit en houd van een goede planning. Als ik dan midden in de nacht bij een klus sta en plan A lijkt niet te werken, maar ik heb de spullen van plan C al mee, dan ben ik wel fier op mezelf. Ik denk graag in oplossingen. Als iemand zegt: dat kan niet. Denk ik al snel: hoe kunnen we ervoor zorgen dat het wél kan. Ik kijk veel Youtube-filmpjes van andere technici. Ik vind het interessant hoe zij zaken aanvliegen. Toen ik voor dit artikel een foto zocht, zag ik dat mijn telefoon vol staat met technische foto’s. Dat zullen de techneuten onder ons wel herkennen denk ik.”

Wie verdient er een pluim?

“De vrijwilligers. Zo houden we het eiland draaiende. Je naast je werk inzetten voor een club of vereniging is soms best een opgave. Ik ben bestuurslid bij Scouting Texel, doe een deel van het gebouwbeheer en zit in de kookstaf. Dat zijn tijdens kamp wel eens lange dagen, maar die blije koppies zijn onbetaalbaar.”

De volgende keer komt Riekus Bakker aan het woord. “Hij rijdt op de kolkenzuiger van gemeentewerken en wanneer we bij het paviljoen met elkaar te maken hebben is er altijd een prettige samenwerking. Riekus staat enthousiast en proactief in het leven. Als er wat moet gebeuren pakt hij het altijd snel op, zodat er zo min mogelijk ommeratie ontstaat. Daar houd ik wel van.”

Souwie Lely