
Boswachtersblog: Atlantisch duinbos in optima forma
NatuurHet zal niemand zijn ontgaan de afgelopen periode; het is nat! Buitengewoon zeiknat zelfs. Het KNMI meet al sinds 1957 de hoeveelheden neerslag. De statistiek laat zien: dit is extreem! Alleen al in de maand oktober viel er 200 millimeter regen. In november viel er, bijvoorbeeld op een enkele dag, al 30 millimeter. Dat levert ongemak en soms overlast op.
Fiets-en wandelpaden staan onder water en dat is lastig, maar kan het ook kwaad voor de natuur? Het antwoord is: nee. Natuurlijk duinbos kan dat prima hebben; sterker nog, het is zelfs van groot belang voor de variatie en voor de biodiversiteit.
Het Natte Vlak
Wie de veldnamenkaart van Texel erbij pakt, merkt op dat in en om De Dennen veel namen refereren aan een nat verleden. Waar je in deze extreem natte periode je laarzen nodig hebt, kon je die vroeger ook maar beter aantrekken. Veel vroeger, welteverstaan. Namen als Het Natte Vlak en het Biesbosch-landje helpen bij die verbeelding. Grote duinmeren, natte heidevelden en zelfs drijftillen - een soort begroeide drijvende eilandjes - kwamen voor de ontwatering voor op Texel. De meeste van deze gebieden zijn in het verleden gericht ontwaterd om te worden gecultiveerd. Vervolgens plantte Staatsbosbeheer er aan het begin van de vorige eeuw bomen aan. Zo ontstonden De Dennen. Lange tijd stonden de bomen er vooral om te worden geoogst. Naarmate de tijd vorderde, veranderde het inzicht. Anno 2023 kennen we het bos als een prachtige plek om te recreëren en neemt de natuurwaarde toe. Die natuurwaarde heeft te maken met variatie. Niet alleen variatie in bossamenstelling - welke bomen staan waar? - maar ook in droge hoge plekken en lage natte delen. Die gevarieerde structuur geeft veel typen dieren en planten leefgebied.
Duinbos is nat
Van oudsher zijn duinbossen nat. Denk bijvoorbeeld aan de grote nieuwe bossen in De Muy. Mangrove-achtige toestanden, om maar een uiterst referentiebeeld te noemen. Het lijkt er de Biesbosch wel, maar dan zonder bevers! Tot laat in het voorjaar staat er water, maar later in zomer ontwikkelen zich er boeiende planten zoals draadzegge en kleine valeriaan. Dan sluipen er libellen uit en knorren er rugstreeppadden. Dat allemaal in een kletsnat woud van wilgen en berken. In het Texelse bos zijn zich ook delen, waar sinds enkele jaren water wordt vastgehouden, mooi aan het ontwikkelen. Ze zijn erg gevarieerd geworden. Er komen open plekken, er komt meer dood hout en er zijn zelfs stukken waar zich veenmospakketten ontwikkelen. Veenmos is een soort natuurlijke spons, die als geen ander water kan vasthouden.
Laarzen aan!
Sommige delen van wandelpaden, fietspaden en speelweiden zijn veranderd in blubberige prutplekken. Laarzen worden in deze winter aanbevolen. Een deel van de lage wandelpaden zullen we rondom het project Tureluur ook aanvullen met grond, zodat wandelen daar weer wat vaker kan. Dit blijft natuurlijk een uitzonderlijke periode en daar hoort in dit geval ook nattigheid bij. Er zijn genoeg redenen om aan te nemen dat dit vaker voorkomt, want extremen in neerslagtekort en neerslagoverschot zijn feitelijk en actueel. Voor nu is het een beetje puzzelen waar je, anders dan met laarzen, toch nog een divers rondje bos kunt bewandelen. Ik kan het wel aanraden, want met al die bladverkleuring is het een prachtig gezicht.
Tekst: Thomas van der Es, boswachter ecologie
Staatsbosbeheer Texel
E: texel@staatsbosbeheer.nl