
Vergeefse zoektocht naar goudschip voor kust Texel
Laatste butegaasgang van de Renate Leonhardt beschreven.
Het verhaal was daarmee niet af, want een
fruitteler uit Wijde Wormer kwam tot de ont-
dekking dat er goud aan boord moest zijn.
Tijdens het laden in 1917 in Rotterdam wer-
den in een spaarbunker van het schip 454
kistjes geladen, afgedekt door cokes.
Deze kistjes zouden goud bevatten, was de
stellige mening van Piet Visser uit Wormer.
Hij richtte in 1948 de coöp.vereniging Rena-
te Leonhardt op en verkreeg in korte tijd
een kapitaal in aandelen van f. 402.000,-.
Visser bedacht een ingenieuze constructie
van 28 meter hoog om op de bodem van de
zee in het wrak het goud te kunnen zoeken.
De duiktoren, die f. 300.000,- kostte en 700
ton woog, kreeg echter nooit toestemming
om de haven van IJmuiden te verlaten.
De Scheepvaartinspectie weigerde een cer-
tificaat van zeewaardigheid af te geven.
De honderden aandeelhouders voelden zich
belazerd en de hele clan schatgravers ging
met knallende ruzie uit elkaar.
Visser en zijn maat Den Toorn gaven echter
niet op en namen een wichelroedeloper mee
aan boord van een kotter voor advies.
In 1955 dacht men in Den Hoorn dat de
gouddelversclub met de berging zou begin-
nen als het weer gunstig bleef.
De fa. Wijsmuller zou de duiktoren naar de
Haaksgronden dirigeren waar het wrak lag.
Op het strand kon men vanaf het paviljoen
van Gert Coevert, als het begon, alles zien.
“Maestro di Coeverti” had zelfs een bloc-
note gekocht waarin hij het aantal opge-
doken goudstaven kon turven……
Echter, de berging moet nog beginnen, het
goud is nooit gevonden en van Piet Visser
heeft niemand meer gehoord.